Heiloo geeft nu vier keer voor Haïti

In een eerdere blog heb ik toegelicht dat ik het geen rol voor de overheid vind om namens de inwoners geld te storten in een noodfonds.

Dat heeft niets te maken met het belang van het noodfonds (ook al is daar ook wel op af te dingen, aldus Arend Jan Boekenstijn in Elsevier) en de diepe ellende die de inwoners van Haïti heeft getroffen. De bevolking van Haïti is zwaar geraakt en dan is hulp meer dan welkom.

Maar het is niet aan ons als overheid om dat namens onze inwoners te regelen. Wij als liberalen gaan uit van de eigen kracht en verantwoordelijkheid van mensen. En het is de eigen verantwoordelijkheid van onze inwoners om een bijdrage te leveren.

Toch heb ik ingestemd gisterenavond in de raadsvergadering met het voorstel van het college van Burgemeester en Wethouders om per inwoner één euro in het noodhulpfonds van de VNG te laten storten. Met pijn in het hart. Niet om die ene euro die nu namens mij gestort wordt. Dat had ook wel meer mogen zijn. Maar keer op keer geven wij geld uit van anderen.

Dat ik toch heb ingestemd is wat ik maar politiek noem. Het geeft geen pas en kan (en zal) alleen maar verkeerd worden uitgelegd als ik als enige bij de behandeling tegen stem. En dan gaat de aandacht naar mij in plaats van naar het goede doel. En voor Haïti kan het geen kwaad.

Het is jammer om met de groep mee te moeten stemmen, maar soms vraagt de politiek offers. Gelukkig is het dan deze keer voor een goed doel.

Belastingbetaler gaf al zeker drie keer voor Haïti

Dit was de titel van een artikel in de volkskrant van vandaag 23 januari 2010.

De eerste keer bijdrage is als een gemeente een bijdrage doet in het noodfonds. Een tweede keer is als de provincie een bijdrage doet, en de derde keer omdat de minister van ontwikkelingssamenwerking het geld van 555 verdubbelt.

Overigens, aldus de volkskrant, heeft de Europese Commissie ook besloten geld beschikbaar te stellen. Dat is dus vier keer.

Waarmee bewezen is dat de overheid (op gemeentelijk, provinciaal, rijks en europees niveau) de draad echt helemaal kwijt is. Ze bemoeien zich nu echt overal mee, en laten mij als individu geen enkele ruimte meer om zelf besluiten te nemen.

Waar ooit een overheid bedacht was om zich te bekommeren om veiligheid, onderwijs en zorg (en de daarvan afgeleide taken) gaan ze nu hun boekje ver te buiten.

Of het nuttig is om geld naar Haïti te sturen is hier overigens helemaal niet aan de orde. Dat moet namelijk ieder voor zich weten. Radio555 heeft ruim 40 miljoen euro opgehaald, dus blijkbaar vinden wij het erg belangrijk om bij te dragen aan Haïti. Waarbij we een grote kans lopen dat er veel geld verdwijnt in verkeerde zakken. Dat Haïti zo’n arm land is, komt natuurlijk niet door een adequate en eerlijke lokale overheid.

Maar ik wil graag zelf besluiten of en hoeveel geld ik stort voor Haïti. Het is niet aan de gemeenteraad om geld over te maken (namens de inwoenrs). Dat kan ik heel goed zelf belsuiten. Ik besluit zelf dat ik aan SOS-kinderdorpen, de leprastichting, de hartstichting, het KWF, natuurmonumenten en anderen geef (ik ben het complete overzicht even kwijt’. Dat hoeft niet iemand anders voor mij te besluiten.

Gemeente Heiloo heeft dacht ik niet bijgedragen aan een potje voor Haïti. En dat is maar goed ook. Wij in Heiloo zijn allemaal slim genoeg om zelf te besluiten dat we een storting doen op 555. Daar heb ik geen gemeenteraad voor nodig. Wat denken ze wel.

Ik stop met de gemeenteraad

10 Maart aanstaande is mijn laatste raadsvergadering. Ik heb besloten te stoppen als raadslid voor VVD Heiloo. En hoewel ik het heel jammer vind heb ik geen spijt van deze beslissing.

Als ik in maart afscheid neem heb ik er zes jaar op zitten. Zes jaar waarin ik met zo veel mogelijk enthousiasme, en ook heel veel plezier het liberale gedachtengoed van de VVD in Heiloo heb verdedigd. En zes jaar waarin ik zo goed mogelijk gestreden heb voor het belang van Heiloo en onze inwoners. Natuurlijk, met wisselend succes, maar wel met volle overgave.

Het lastige aan de politiek is dat je met succesvolle acties niet altijd de krant haalt, laat staan dat inwoners achteraf nog weten wat mijn rol is geweest. Zo ben ik erg trots op het feit dat met name door mijn inspanning de (WMO-)clientenraad is blijven bestaan in het jaar waarin de WVG (wet voorziening gehandicapten) afliep en de WMO (Wet maatschappelijke ondersteuning) nog niet actief was. Ik heb het gecontroleerd bij de WMO clientenraad: zelfs de voorzitter wist dit niet. Dat maakt niet dat ik er ongelukkig van ben geworden of chagerijnig. Het toont aan dat je als politicus bevlogen moet zijn, een zekere visie moet hebben op de ideale (liberale!) samenleving maar vooral idealist moet zijn. Een idealist die zich niet laat afleiden door grote krantenartikelen, roem of eervolle vermeldingen, maar vanuit een innerlijke overtuiging gewoon z’n gang gaat.

Dat ik inmiddels van alle kanten complimenten krijg over mijn functioneren in de raad en de commissie Maatschappelijke Zaken vind ik natuurlijk wel erg leuk. Zo ijdel ben ik ook wel weer. Zelfs van mensen die ik niet ken hoor ik dat ze het jammer vinden dat ik besloten heb te stoppen. En dat is plezierig, en zou me haast motiveren om door te gaan :-) .

Maar dat zit er op de korte termijn niet in. Ik heb een baan als adviseur in de gezondheidszorg en een gezin met jonge kinderen en dat samen is meer dan een dagtaak. Daar heb ik dus een aantal jaar de politiek bij gedaan  en daarmee heb ik het thuisfront beslist tekort gedaan. Nu wordt het tijd dat goed te maken.

Natuurlijk blijf ik de (lokale) politiek volgen. En als er weer onrust is in een wijk in Heiloo (zoals indertijd in de krant stond: ‘Trammelant in Termijen’) zal ik de politiek zeker weten te vinden om daar snel iets aan te laten doen. Maar me intensief bemoeien met een nota peuterspeelzaalbeleid (die ik enkele jaren geleden in eerste instantie heb afgekeurd om de betreffende wethouder de kans te geven er in tweede instantie een kwalitatief goede nota van te maken) doe ik niet . De uitvoering van de nota mantelzorgbeleid (die we zelfs twee keer hebben teruggestuurd, maar wat nu een gedegen nota is die mantelzorgers in Heiloo verder helpt) zal ik slechts vanuit de verte volgen.

Mijn weblog blijft natuurlijk bestaan. De laatste maanden is het schrijven van stukjes er wat bij in geschoten, terwijl ik toch zo veel te vertellen heb. Met name over de veranderingen in de ziekenhuiszorg. Er gaat dit jaar nog zoveel gebeuren, dat er voldoende stof is om over te bloggen. En als het goed is krijg ik daar dan ook meer tijd voor.

Graag nodig ik iedereen, die mij persoonlijk of via via heeft laten weten mijn afscheid te betreuren, nog eenmaal uit op mij te stemmen. Dat kan nog wel. Ik sta vrijwel onderaan de lijst van VVD Heiloo. Ik zal elke stem die ik krijg opvatten als bedankje voor de inspanning van de afgelopen zes jaar. Maar vergis u niet: ik kom niet terug. Uw stem gaat hiermee niet verloren want elke stem die ik krijg komt terecht bij de VVD. En elke stem is welkom om de VVD in Heiloo weer de grootste partij te maken. Met zorg voor Heiloo, met aandacht voor de financiën van Heiloo en om het eigen karakter van Heiloo te bewaren. Ik wens mijn opvolgers veel succes.

Nota mantelzorgbeleid

In de commissie Maatschappelijke Zaken van 16 november is ook gesproken over de nota mantelzorg. Ook een nota met historie. En hoewel steeds beter nog (net) niet die doelstelling die mantelzorgers in Heiloo écht helpt.

De kern van de nota mantelzorg is dat mantelzorgers in Heiloo erg gewaardeerd worden (mee eens), dat ze ondersteund moeten worden als dat mogelijk of noodzakelijk is (mee eens) maar dat tot nu toe weinig mensen gebruik maken van de mogelijkheden die de gemeente hier kan bieden (ook mee eens). En dat het belangrijkste doel van de nota mantelzorg in Heiloo is om de term mantelzorg in Heiloo bekend te maken. En dat is nu helemaal geen goed idee. 

Ik heb het laatste jaar van nabij mantelzorg meegemaakt. Van een ouder echtpaar dat ik ken zat de een in de kreukels en nam de andere de (zware) zorg op zich. Typisch mantelzorg. Maar zo werd dit helemaal niet herkend: “Wij zijn meer dan 50 jaar getrouwd. Wij hebben altijd voor elkaar gezorgd. En dat blijven we ook doen.” Dat de verzorgende hier bijna aan onderdoorging was verder niet aan de orde, laat staan het vragen van hulp als mantelzorger.

Dat wij als gemeente, gemeentelijke instellingen of gemeenteraad de term mantelzorg gebruiken is goed. Moeten we ook vooral niet veranderen. Wij zijn ingewijd in het jargon en kunnen hier best mee omgaan. Maar wij moeten ons jargon niet opdringen aan de inwoners van Heiloo die zich niet herkennen in een term die ze niets zegt.

Daarom moet de doelstelling van het mantelzorgbeleid niet zijn het bekend maken van de term mantelzorg, maar wel van de mogelijkheden die er zijn als de zorg voor je naaste je te (bijna) teveel wordt. De aandacht van de gemeente moet zich dus richten op het vinden van de mensen die hun naaste (partner, kind, ouder, buurvrouw of anders) hulp bieden en aan hen laten weten dat ze hulp kunnen krijgen om de zware last van de zorg te helpen verlichten.

De fractie van VVD Heiloo zal samen met die van GroenLinks en het CDA een tekstvoorstel indienen met deze strekking en dan hopen we dat de mantelzorgers ons als gemeente wel weten te vinden.

Nota vrijwilligersbeleid

De commissie Maatschappelijke Zaken van de gemeente Heiloo heeft zich afgelopen maandag, 16 november, gebogen over de nota vrijwilligersbeleid. Een document met een langere geschiedenis omdat wij als commissie de vorige versie niet goedkeurden.

Kern van het plan is het aanwijzen van een vrijwilligerscoordinator. Iemand die de contacten met de vrijwilligers onderhoudt, hen ondersteunt, vrijwilligers met organisaties kan verbinden en verder op de een of andere manier vrijwilligers kan helpen. Een goed idee, en dit voorziet duidelijk in een behoefte. Dit blijkt uit de goede ervaringen van de vrijwilligerscoordinator tot nu toe.

Het voorstel is echter de vrijwilligerscoördinator onderdeel te laten zijn van de Stichting Welzijn Heiloo (voorheen SOW). En dat vindt VVD Heiloo om meer dan één reden geen goed idee.

Door de vrijwilligerscoördinator bij de SWH onder te brengen lijkt het er erg op dat zij voornamelijk in het leven is geroepen voor vrijwilligers die met zorg te maken hebben, of in sociaal verband, De maatschappelijk sfeer dus. Maar het grootste aantal organisaties die in Heiloo met vrijwilligers werken zijn sportorganisaties. Die een ander type ondersteuning nodig hebben. En die misschien wel meer moeite hebben met het vinden van deze ondersteuning als deze bij de SWH is ondergebracht En dat blijkt ook wel want tot nu toe is er maar één sportorganisatie die gebruik maakt van de support van de vrijwilligerscoördinator.

Daarnaast is het niet mogelijk om onze verplichting als raadslid, controle, uit te oefenen op de SWH. Kijk, als een wethouder er een potje van maakt kan de gemeenteraad hem hierop aanspreken en desnoods bedanken voor de moeite en naar huis sturen. Dus als een vrijwilligerscoordinator niets opbrengt of verkeerde dingen doet, kunnen we in principe de wethouder erop aanspreken. Maar dit kan niet als de SWH hiervoor geld krijgt. Dan kan de gemeente er nauwelijksenige controle op uitoefenen. De fractie van VVD Heiloo is groot voorstander van de inzet van de vrijwilligerscoördinator, en is van mening dat de extra kosten die een dergelijke ondersteuning met zich meebrengt als baten (in euro’s of maatschappelijk) zich dik terugverdienen.

Maar de vrijwilligers, álle vrijwilligers, in Heiloo moeten deze coordinator wel kunnen inzetten. En dan is het voor zowel de controleerbaarheid, als de vindbaarheid van belang dat de vrijwilligerscoördinator een duidelijke plaats krijgt in de gemeentelijke organisatie.

Dag van de mantelzorg

Gisteren, 10 november, was het de dag van de mantelzorg. Een dag die bedacht is om mantelzorgers in het licht te zetten. Een aardig gebaar natuurlijk, en de complimenten zijn terecht, maar ik ben van mening dat deze complimenten niet aankomen. En al zeker niet bij de mantelzorgers.

Ik heb het afgelopen jaar van dicht bij mantelzorg meegemaakt. In mijn omgeving woont een echtpaar waarvan mijnheer zwaar in de lappenmand lag, en mevrouw de verzorging op zich nam. Waarbij naar alle maatstaven de verzorging veel verder ging dan het reguliere werk dat een echtpaar voor elkaar doet. En toch wringt daar de schoen. Volgens betrokkene was hier beslist geen sprake van mantelzorg. “Wij zijn ruim 50 jaar getrouwd en hebben al die tijd voor elkaar gezorgd. En dat doe ik nu dus ook”. Alle extra ondersteuning die beschikbaar is voor mantelzorgers vindt het echtpaar niet nodig, want dit is “gewone zorg”. En als je hier middenin zit, en zorgt voor een geliefde zie je niet dat de zorg inmiddels vele malen meer is dan gezond is voor de verzorgende, en dan zelfs ten koste kan gaan van de verzorgende.

Daarom gaat ‘de dag van de mantelzorg’ z’n doel voorbij. Mantelzorgers hebben er niets aan omdat ze zich niet tot de doelgroep rekenen, laat staan iets kunnen met complimenten.

Een van de doelstellingen van gemeente Heiloo in de nota mantelzorgbeleid is dat het begrip mantelzorg bekend is bij alle inwoners. Een Heillooze actie. Er moet veel energie gestoken worden in een doelgroep die zichzelf hierin niet wil herkennen. Verkeerd gebruik van het geld, terwijl ook hier zoveel nuttige dingen vanuit de gemeente mogelijk zijn.

Daarom stel ik voor om af te stappen van het begrip ‘mantelzorg’. Dat wij als professionals (in de politiek of in de zorg) ons eigen jargon gebruiken is ok, maar laten wij daar het publiek niet mee lastig vallen. Wij gaan ons richten op de inwoners die ‘meer zorg leveren dan u zelf aankunt’. En of dit de kreet moet worden om te hanteren weet ik niet, maar een beetje communicatiebureau vindt vast iets bruikbaars. En dan richten we onze energie op het ondersteunen van de verzorgende, door het wegnemen van administratieve barrieres, het ondersteunen bij het leveren van de benodigde zorg, het signaleren van signalen dat het teveel wordt, en het informeren over de mogelijkheden die de gemeente biedt om de eerder genoemde ‘gewone zorg’ (die eigenlijk teveel wordt) te helpen verlichten. En bij de gemeente ligt dan de zware taak om de doelgroep te vinden die zelf niet gevonden wil worden. Een lastige klus maar wel dankbaar. Want deze doelgroep kan een extra beetje zorg best gebruiken.

Onze goede bedoelingen pakten maandag slecht uit.

De commissie Maatschappelijke Zaken vindt het een goed idee om ‘op lokatie’ te vergaderen. Dus niet altijd in het gemeentehuis, maar ook eens ergens anders in Heiloo. Zo hebben we al eens vergaderd bij de Stichting Welzijn Heiloo, bij de Stichting Peuterspeelzalen Heiloo  en maandag dus bij de nieuwe Springschans.

We krijgen bij zo’n vergadering eerst een rondleiding waarbij de bijzonderheden van de stichting of het gebouw worden toegelicht, en aansluitend vergaderen we dan. Enigszins improviserend want er is geen geluidsinstallatie en de meeste lokaties zijn niet zo groot dat er veel toeschouwers bij kunnen. 

Daar ging het maandag dan ook mis. Vanwege het onderwerp Jeugd OntmoetingsPlek (JOP) in plan Oost, dat door ons op de agenda was gezet, was de publieke tribune goed gevuld en dat pakte niet fijn uit. Volwassen mensen moesen op lage bankjes zitten, in de verlaagde ‘gymzaal’ van de Springschans. Insprekers (onze gasten die het woord hebben gevoerd) waren niet voor iedereen goed te horen, net zo min als de leden van de commissie.

 Ik denk dat het wel een goede vergadering is geweest, en dat zowel de commissie als de gasten hun punten over de JOP met elkaar hebben kunnen uitwisselen. De setting was helaas voor onze gasten minder gelukkig en dat is jammer. Hoe we dat een volgende keer beter kunnen doen zal van de vergaderlokatie afhangen. En meestal krijgen we niet zoveel gasten. Maar het principe om op lokatie te vergaderen is een goed idee en werkt drempelverlagend voor het publiek.

Ik hoop dat u de volgende keer weer langs zult komen.

Commissie Maatschappelijke Zaken: weer een jongerenverordening

Zoals ik al eerder schreef hebben we in de commissie Maatschappelijke Zaken van afgelopen maandag (14 september 2009) de lokale verordening tijdelijke regels Wet Investeren in Jongeren vastgelegd.

Heel nuttig allemaal, zie mijn vorige blog hierover. Maar wel jammer dat er alleen maar regelgeving bijkomt. VVD Heiloo is een groot voorstander van meer duidelijkheid en minder regels. Maar dit college komt alleen maar met meer regels. Meer regels voor jongeren, meer regels voor ouderen, meer regels voor iedereen.

En natuurlijk, we hebben een paar verouderde artikelen geschrapt in de algemene politieverordening, dus er is ook wel iets verdwenen de afgelopen vier jaar, maar als we het echt zouden uitrekenen, is het aantal regels (verordeningen) alleen maar toegenomen.

Ik ben een voorstander van het opstellen van één jongerenverordening. Alle regels die voor jongeren in Heiloo van belang zijn komen in dit ene document. En dit document kent natuurlijk verschillende hoofdstukken (over werk, over onderwijs, over alcoholgebruik, en nog veel meer) maar wel één geheel. Dan weten jongeren ook wat wij in Heiloo van ze verlangen, welke rechten ze hebben en welke plichten. Volgens mij is dat voor iedereen duidelijk.

De Wmo verordening biedt hiervoor een mooi houvast omdat we wettelijk verplicht zijn een wmo verordening vast te leggen, met daarin een prestatieveld (‘hoofdstuk’) jongeren. Laten we dit dan gebruiken voor alles wat met jongeren te maken heeft.

Helaas is de wethouder met de portefeuille jongeren niet met me eens dat transparantie hierin goed zou zijn voor (de jongeren in) Heiloo.

Commissie Maatschappelijke Zaken: de WIJ komt eraan

Dit was de week van de commissies. De eerste na het zomerreces, we gaan er nog een half jaar flink tegen aan totdat in maart de verkiezingen zijn. In de uitkijkpost stonden deze aangekondigd voor 2 maart maar buiten Heiloo gaat iedereen ervan uit dat het op 3 maart 2010 zover is. Maar dit terzijde.

Wij hebben in de commissie Maatschappelijke Zaken gesproken over de WIJ, de Wet Investeren in Jongeren.

Op 1 oktober 2010 treedt de Wet investeren in Jongeren in werking. Een nieuwe wet die jongeren meer mogelijkheden en rechten biedt om betaald werk te krijgen, en de verplichting van de gemeente om te helpen als dat niet lukt. Een goed initiatief. Dus daar zijn we erg voor. De VVD is de echte Partij van de Arbeid: wij zijn voor de warmte van een baan, boven de kilte van een uitkering.

Wat wel weer jammer is dat een en ander erg overhaast gerealiseerd moet worden. Wij hebben nu namelijk niet de invulling voor de gemeente Heiloo van deze wet vastgelegd, maar een lokaal noodwetje (ofwel verordening) omdat geen tijd meer is tot aan 1 oktober om een echte invulling te geven. We nemen nu de standaard over en gaan dan de komende maanden nadenken over een Heiloo-er variant en invulling.

Dat de (rijks)overheid de uitvoering van regels teruglegt bij ons als gemeente kan best. En werkt soms beter ook, want wij zitten veel dichter tegen de doelgroep aan. Maar het is wel jammer dat dit zo slordig gebeurt dat wij met noodwetjes aan de gang moeten om jongeren niet in een gat te laten vallen.

Enorme verschillen bij bouwleges

In het NHD van afgelopen zaterdag (22 augustus) stond vrij prominent op de stad en streek pagina dat de kosten van een vergunning om aan je huis of tuin te sleutelen nogal verschillen per gemeente.  Dit was een aantal maanden geleden ook al eens geconstateerd en toen ging het om de rijbewijzen.

Vereniging Eigen Huis stelt voor om een maximum prijs in te stellen. En dat verschillen in kosten worden teruggedrongen . Dat lijkt me de verkeerde oplossing. Terug naar de centrale planeconomie met landelijk vastgestelde prijzen is niet de oplossing.

Het probleem is dat de gemeente waar je woont (of wilt bouwen) het monopoly heeft op het afgeven van een rijbewijs, bouwvergunning etc. Er is dus motivatie om naar de kosten van een bouwvergunning te kijken.

Wij zijn er in Heiloo heel trots op dat wij kostendekkend bezig zijn. En (zie het NHD) betalen daar stevig voor. Liggen onze kosten in Heiloo dan zoveel hoger dan in Heerhugowaard, de goedkoopste gemeente hier in de buurt? Of krijg je in Heerhugowaard een deel van de kosten cadeau?

Ik stel voor dat het afgeven van vergunningen / rijbewijzen / paspoorten en zo voort niet meer gebonden is aan de eigen gemeente.  Dan kan je als inwoner gaan shoppen. Als mijn gemeente dan te duur is ga ik wel naar de buren toe. Voor rijbewijs en paspoort is dat makkelijk: alle gegevens die hiervoor nodig zijn, worden toch al landelijk opgeslagen.

Voor het afgeven van een bouwvergunning naar de buren lijkt vreemd. Hoe kan (in mijn geval) Castricum nu weten waar een vergunning in Heiloo aan moet voldoen? Ofwel hoe kunnen ze nu in Castricum een vergunning afgeven voor Heiloo? Ik denk dat dit best kan. Met de invoering van de Wabo (Wet algemene bepalingen omgevingsrecht) regelt de omgevingsvergunning. Wil je als gemeente deze wet kunnen uitvoeren, dan moet ongeveer het gehele proces zijn geautomatiseerd. Dus dat doen gemeenten nu toch al. Daarmee valt het ook vrij te geven. En dan kijk ik welke gemeente het goedkoopste is en haal ik daar de vergunning op.

Ik kan me zelfs voorstellen dat het proces zo wordt ingeregeld dat gemeente Castricum de hulp nodig heeft van de gemeente Heiloo als ik in Castricum een vergunning aanvraag voor in gemeente Heiloo. Dan maakt de gemeente (Heiloo) wel de kosten, maar krijgt niet de baten.

Dat stimuleert dure gemeenten extra om het proces beter in te regelen, waardoor de kosten omlaag kunnen en dure gemeenten vanzelf goedkope gemeenten worden.