Mijn suggestie om eens na te denken over een PatienServiceCode (analoog aan de BurgerServiceCode) heeft navolging gekregen door ICTZorgen.nl. Dat was precies de bedoeling. Jaco van Duivenboden neemt de handschoen op.
ICTZorgen richt zich (begrijpelijk, gezien de naam van de blog) op de ICT component van de relatie tussen de dokter en de patiënt. Een belangrijke relatie die leeft, kijk maar naar de discussie over het EPD. Alleen ben ik bang dat we daarmee het digitale contact verheffen tot doel op zich in plaats van ICT te zien als hulpmiddel. Als ik als consument kijk naar de zorg (en natuurlijk tegelijkertijd als consultant) dan zie ik veel mogelijke procesverbeteringen, waar nuttig gebruik van ICT goed bij kan helpen. Maar ik zou willen dat de essentie van de PatientServiceCode (of ZorgServiceCode) zich richt op de kwaliteit van de geleverde zorg (en de beleving van dit proces). Dan kom je vanzelf bij ICT oplossingen, maar niet in de eerste plaats
Daarom stel ik voor als 3e aanzet:
- Doe mij geen kwaad (hét uitgangspunt van de relatie tussen dokter en patiënt, en zo ook geformuleerd in de eed van Hippocrates. En hoewel elke dokter zich aan deze eed moet houden en deze dus eigenlijk overbodig is, denk ik dat het goed is deze als eerste op te nemen.
- Behandel mij met respect. De dokter stond jarenlang op een voetstuk, wist alles en dulde geen tegenspraak (die er toch nooit was). Hoewel patienten veel mondiger zijn geworden en zich vaak met de behandeling willen bemoeien doen te veel dokters nog steeds of zij alles weten en de patiënt een nitwit is. Hard geformuleerd, maar ze zijn er echt nog. En ook al slaat de patiënt de boot helemaal mis, en zit de dokter meteen op het juiste spoor, dan nog is een respectvolle manier van met elkaar omgaan de enige juiste manier om met elkaar om te gaan.
Dit punt lijkt op, maar is niet helemaal hetzelfde als het punt zeggenschap van ICTZorgen.nl. Respect gaat verder dan dat de patient inspraak heeft in de manier van behandelen en communiceren. - Bereikbaarheid. Mijn zorgverlener is bereikbaar, op welke manier dan ook (telefoon, fax, e-mail, internet of ‘face-to-face’). En dat 24 uur per dag, 7 dagen per week. En als mijn eigen dokter er niet is, wordt zij zodanig vervangen dat de kwaliteit van de geleverde zorg nog steeds optimaal is. Dus geen verwijzing naar een huisartsenpost waar ze helemaal niets van me weten, maar een echte vervanging.
- Gebruik de meest geavanceerde en bekende technologie. Hier maak ik de stap naar het EPD. Natuurlijk hoort hier ook de laatste versie van de MRI-scan etc etc bij, maar ook de ICT component. Door gebruik te maken van de mogelijkheden van een EPD heeft de dokter beter inzicht in mijn (medische) historie, ziet ook wat andere doktoren al van mij vonden, ziet mijn medicijngebruik, ofwel is op de hoogte van alle voor mij relevante medische informatie (al wil ik dit laatste ook graag apart nog opnemen).
- Betrouwbaarheid. Ik kan er van op aan dat met mijn persoonlijke gegevens veilig en betrouwbaar wordt omgegaan. Dit is controleerbaar.
- Werk samen met collegae. Elke dokter is er van overtuigd dat hij de enige en juiste en alleswetende dokter is. Soms is het echter handiger om met elkaar te overleggen. En dan bedoel ik niet een second opinion, door de patient aangevraagd, maar een gynaecoloog, die uit zichzelf overlegd met een maag-lever-darm dokter, of een anesthesioloog die uit zichzelf de (verwijzende) gynaecoloog belt voor overleg. Zodat je niet zelf van het kastje naar de muur moet, maar dat kastje en muur zelf contact zoeken.
- Weet alle relevante medische zaken van mij. Een overlap wellicht met punt 4, en in ieder geval een verwijzing naar kundig gebruik van het EPD.
- Transparantie: Ik kan eenvoudig bepalen welke producten en diensten mijn zorgverlener biedt, tegen welke prijs en met welke kwaliteit;
- Persoonlijke informatie: Zorgverleners informeren mij proactief over informatie relevant voor mijn situatie.
- …
Ik kijk uit naar een verdere verbetering van de ZorgServiceCode. Wie durft? En wat mag er op plaats 10?